Verdachte plaatsen explosief Larense beautysalon barst in tranen uit in rechtbank

Elise de Rooij



M. blijft bij zijn eerder gegeven verklaring. “Ik heb er niets mee te maken. Ik ken de mevrouw achter mij ook niet. Het enige wat ik heb gedaan is uit goodwill iemand een lift geven. Ik heb dat niet gedaan, mevrouw de rechter”, zegt hij. De eigenaresse van de beautysalon zit achter de verdachte op de eerste rij van de publieke tribune. 

Volgens het OM is er echter wel DNA van M. op een stuk tape gevonden waar het explosief mee op het raam is geplakt. Hoe dat kan zegt M. niet te weten. Hij werkt als asbestverwijderaar en zegt materiaal als tape regelmatig in zijn auto te hebben liggen. Ook zijn advocaat bepleit dat M. niets wist van het mogelijke plaatsen van explosief en vraagt de rechter zijn cliënt vrij te spreken. 

Minderjarige medeverdachte

M. blijkt eerder die desbetreffende avond al in Laren te zijn geweest. Hij zegt te hebben gegeten bij een Thais restaurant, omdat hij een ‘vreetkick’ had van het blowen. Na het eten rijdt hij terug naar Utrecht. Daar ontmoet hij bij station Utrecht Overvecht met de minderjarige medeverdachte. 

M. verklaart de jongen te kennen van het theehuis en dat hij bij hem sterkere hasj kan krijgen. Wanneer ze elkaar in de nacht ontmoeten bij het station, vraagt de minderjarige aan M. om hem naar Laren te brengen. Eenmaal aangekomen in het dorp stapt de jongen rond 1.00 uur uit de auto om vijf minuten later terug te komen. Wat die jongen in die tijd heeft gedaan, zegt M. niet te weten. Volgens hem zou de minderjarige langs zijn vriendin gaan. Op camerabeelden is te zien dat in dat tijdsbestek het explosieve pakket bij de salon wordt geplaatst. 

Na het incident wordt de telefoon van M. getapt. Daarbij vallen een aantal gesprekken op. Zo belt M. met een vriend. “Het is een beetje domheid van die jongen. Als je zonder masker gaat, word je gepakt. Zeker dit soort zaken zijn risicovol. Allah heeft ons liefgehad”, citeert één van de rechters het gesprek uit het dossier. De verdachte stelt dit gesprek niet te kunnen herinneren. 

Niet meer de cel in

Het Openbaar Ministerie acht M. medeverantwoordelijk voor een poging tot het veroorzaken van een explosie en daarmee ook het bedreigen van de eigenaresse en de rest van het personeel. Maar van het OM hoeft M. niet meer de cel in. “Maar we willen wel een flinke stok achter de deur, zodat hij zich niet meer laat verleiden tot het plegen van strafbare feiten voor geld.” 

Het OM eist 270 dagen cel, waarvan 158 dagen voorwaardelijk. Aangezien hij al 112 dagen in voorlopige hechtenis zat, hoeft hij bij veroordeling niet meer de cel in. 

De rechter doet op 16 juli uitspraak in de zaak.



Website

Lees ook deze artikelen

Leave a Comment