De tieners uit Heerhugowaard en Den Helder probeerden op een vrijdagavond in augustus 2024 op acht verschillende plekken in Alkmaar brand te stichten. In winkelcentrum De Mare staken ze een nekkussen in brand en plaatsten ze die tussen de winkelrekken. Niet veel later stond kledingwinkel KiK in lichterlaaie.
Beide meisjes zijn minder toerekeningsvatbaar geacht. Het Openbaar Ministerie wil dat de ingezette behandelingen worden voortgezet. Van de rechter kregen ze allebei een voorwaardelijke jeugddetentie van 90 dagen opgelegd, met toezicht, verplichte behandeling en een onderling contactverbod. Daarnaast krijgt de oudste 50 uur leerstraf en 120 uur taakstraf, waarvan 80 voorwaardelijk. De jongste krijgt 120 uur taakstraf.
En daar eindigt het niet mee. Samen moeten ze ook 130.000 euro aan gedupeerden terugbetalen. Bij de jongste zijn de ouders nog verantwoordelijk voor haar deel van de schadevergoeding.
Hoe komt dat schadebedrag tot stand?
De werkelijke schadekosten liggen hoger dan het totaalbedrag van de ingediende schadevergoedingen door gedupeerden. Hoe kan dat?
“Een deel van de gedupeerden heeft via de strafzaak een claim ingediend voor de materiële schade. Bij een toekenning, zonder hoger beroep, wordt dat namelijk direct uitgekeerd door de Staat en moet de veroordeelde dat weer terugbetalen”, legt een woordvoerder van het Openbaar Ministerie uit.
“Via civiele procedures of via de verzekering van gedupeerden kan het zijn dat er nog een extra schuld voor hen bijkomt”, zegt Elwin Boskma, advocaat van beide meisjes.
Waarom moeten de ouders betalen?
Ouders zijn in Nederland automatisch aansprakelijk voor schade die wordt veroorzaakt door kinderen tot 14 jaar. Vanaf 14 jaar wordt de verantwoordelijkheid gedeeld tussen ouder en kind, en vanaf 16 jaar komt die volledig bij het kind te liggen.
Tekst gaat verder na foto.







